Bron:

| 3386 x gelezen

David Tuller © Anil van der Zee

21 maart 2026.

Professor Esther Crawley, de methodologisch en ethisch gewraakte kinderarts en voormalig subsidiekoningin aan de Universiteit van Bristol, is op een gegeven moment gestopt met haar medische praktijk en, blijkbaar, ook met haar academische loopbaan. Waarom duikt haar naam dan op websites nog steeds op alsof ze actief betrokken is bij onderzoek en klinische zorg?

Ik schreef eerder deze maand in een blogpost dat professor Crawley nog steeds lid is van de stuurgroep van het Collaborative On Fatigue and related symptoms Following Infection, beter bekend als COFFI. (Is die afkorting een knipoog naar “koffie”, waarvan het natuurlijk bekend is dat het mensen opvrolijkt? Als het een woordspeling is, dan is het een nogal domme, maar domheid is niet onbekend bij deze groep.)

Om te achterhalen waarom de naam van professor Crawley nog steeds vermeld staat, heb ik een brief gestuurd naar COFFI en naar de voorzitter van het stuurcomité, professor Vegard Wyller uit Noorwegen. Ik heb geen reactie ontvangen. (Ik had er ook geen verwacht.) Het spreekt voor zich dat, als een organisatie faalt in zulke basale functies als het nauwkeurig beschrijven van de huidige leiding op haar website, het terecht is om je af te vragen of iets van wat ze verkondigen wel serieus genomen kan worden.

Bovendien wees een oplettende lezer me laatst op de website van een project genaamd Severn Postgraduate Medical Education (SPME), de afdeling in Zuidwest-Engeland van een groter opleidingsinitiatief van de National Health Service. In het kader van SPME biedt de Universiteit van Bristol tweejarige postdoctorale opleidingen aan in diverse specialismen. Op de projectwebsite staat professor Crawley vermeld als een van de twee projectleiders voor de specialisatie kindergeneeskunde, samen met professor Richard Coward, die verbonden is aan de faculteit van Bristol.

De afdeling kindergeneeskunde biedt drie van deze tweejarige opleidingsplaatsen aan. Hier volgt de beschrijving:

Deze functies zullen worden verbonden aan de klinische en onderzoeksteams rondom het speciaal daarvoor gebouwde Bristol Royal Hospital for Children, een tertiair verwijscentrum voor het zuidwesten van Engeland. Kinderonderzoek is een van de sterke punten van Bristol en we bieden uitstekende mogelijkheden op diverse gebieden, waaronder:

  • Infectieziekten (in samenwerking met microbiologie) richt zich op de diagnose, pathogenese en immuunreacties op respiratoire bacteriën en virussen.
  • Het Centrum voor Kinder- en Adolescentengezondheid doet onderzoek naar: ontwikkeling en handicaps bij kinderen, complexe gezondheidsbehoeften van kinderen, chronische vermoeidheid en letsel bij kinderen. We hebben ook een sterke interesse in internationale kindergezondheid en werken samen met partners in het buitenland.
  • Nieronderzoek – we hebben een actieve en dynamische onderzoeksgroep die zich bezighoudt met de biologie van de nieren, met een sterke focus op translationeel en integratief onderzoek.
  • Cardiologie met bijzondere interesse in pulmonale hypertensie, verbonden aan de BRU [Biomedical Research Unit] van het Bristol Heart Institute.”

De website is afgelopen augustus bijgewerkt, dus de naam van professor Crawley had verwijderd moeten worden – als ze inderdaad volledig met pensioen is. Ik neem aan dat zowel de COFFI- als de Bristol-pagina’s onjuist vermelden dat ze momenteel nog bij hun activiteiten betrokken is. Maar het zou goed zijn om het zeker te weten – en te begrijpen waarom deze organisaties, als ze er tegenwoordig niet meer is, zo slordig en laks zijn geweest met het onderhoud van hun websites.

Zoals velen zich wellicht herinneren, heb ik in het verleden nogal wat aanvaringen gehad met functionarissen van Bristol. De juridische afdeling heeft op een gegeven moment meerdere klachten over mijn zogenaamd vreselijke “gedrag” naar de toenmalige rector van UC Berkeley gestuurd. Destijds heb ik Bristol laten weten dat ik hun agressieve pogingen om mij te laten sanctioneren niet op prijs stelde, en benadrukt dat dit een academisch geschil was, geen aflevering van The Sopranos. Berkeley verwierp de klachten als ongegrond, aangezien mijn “gedrag” grotendeels bestond uit het erop wijzen dat professor Crawley allerlei wetenschappelijke richtlijnen had overtreden in haar onderzoek.

Om meer duidelijkheid over de kwestie te krijgen, heb ik een e-mail gestuurd naar de afdeling Openbaarheid van Bestuur in Bristol.


E-mail aan Bristol over de huidige status van professor Crawley

Geachte Bureau voor Openbaarheid van Bestuur:

Ik zag onlangs dat professor Esther Crawley vermeld staat als een van de twee projectleiders van een opleidingsprogramma voor kindergeneeskunde, onderdeel van het Severn PostGraduate Medical Education-initiatief. De andere projectleider is professor Richard Coward. De website van het project werd vorig jaar bijgewerkt, dus die zou redelijk actueel moeten zijn.

Ik heb echter begrepen dat professor Crawley zowel aan de universiteit als in de medische wereld met pensioen is gegaan. Ik zie op de website van de universiteit niets dat erop wijst dat ze nog steeds actief is als faculteitslid. Het is daarom raadselachtig dat ze vermeld staat als projectleider van een lopend project.

Kunt u alstublieft verduidelijken of professor Crawley haar werkzaamheden aan de universiteit in welke hoedanigheid dan ook voortzet, of dat ze inderdaad met pensioen is? Als ze met pensioen is, waarom staat haar naam dan nog steeds vermeld als hoofd van het opleidingsprogramma kindergeneeskunde?

Alvast bedankt voor uw antwoord.

Met vriendelijke groet, David

David Tuller, DrPH
Senior Fellow in Public Health and Journalism
Center for Global Public Health
School of Public Health
University of California, Berkeley

© David Tuller voor Virology Blog. Vertaling admin, redactie NAHdine, ME-gids.

Geef een reactie

Zijbalk

Volg ons
Geen Evenementen
Recente Links
ma
di
wo
do
vr
za
zo
m
d
w
d
v
z
z
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
1
2
3
4
5