Bron:

| 2257 x gelezen

Verslag van de lezing van Dr. Dan Peterson op de HHV6 Conference in Parijs op 9 april 2013

“Deze resultaten laten objectieve eindpunten zien, een subgroepselectie, en herstel. Onder ernstig zieke ME/cvs-patiënten met HHV-6 en/of CMV waren patiënten die volledig en die gedeeltelijk herstelden. Dit zijn bemoedigende resultaten voor deze subgroep, en verdere, goed opgezette onderzoeken zouden moeten plaatsvinden om deze resultaten te bevestigen.”

– Dr. Dan Peterson

Dr. Dan Peterson heeft 30 jaar ervaring in het behandelen van ME/cvs-patiënten met immuunstoornissen. Hierdoor is hij waarschijnlijk meer ervaren in het opsporen en behandelen van ziekteverwekkers dan elke andere arts op dit gebied. Het is dan ook geen verrassing dat het eerste Vistide-onderzoeksverslag uit zijn koker komt.

Op de HHV6 Conference in Parijs deed dr. Peterson verslag over de uitkomsten van een retrospectief onderzoek, waarbij 65 ernstig zieke ME/cvs-patiënten werden gevolgd die tussen 2005 en 2012 een Vistide-kuur kregen tegen HHV-6- of  CMV-infecties. Ondanks de interesse in ziekteverwekkers bij ME/cvs zijn onderzoeken naar antivirale middelen zeldzaam, en dit onderzoek naar dit medicijn is het eerste waarvan melding wordt gemaakt.

Vistide, met als werkzame stof cidofovir, krijgt een stuk minder publiciteit dan andere antivirale middelen en immuunregulatoren zoals bijvoorbeeld Ampligen en Rituximab, die bij deze ziekte gebruikt worden. Dat komt waarschijnlijk doordat er bij dit medicijn een complex infuusprotocol komt kijken, er regelmatig bloedcontroles nodig zijn vanwege de zeldzame maar wel degelijk aanwezige kans op ernstige nierbijwerkingen, en omdat het duur is. Deze combinatie (infuus, bloedonderzoek en kosten) vraagt vérgaande medische nazorg. Aangezien dr. Peterson gespecialiseerd is in patiënten met een verstoorde werking van de natural-killercellen, test hij stelselmatig op herpesvirussen, waarvan bekend is dat ze actief zijn bij ME/cvs-patiënten.

In zijn presentatie gaf dr. Peterson aan dat bijna 30% van zijn patiënten positief test op actieve HHV-6 of CMV, en overweldigend genoeg 50% op een actieve Epstein-Barr-virusinfectie (EBNA).

Een zwaar medicijn voor een ernstige ziekte

Vistide (cidofovir) is goedgekeurd voor de behandeling van CMV bij patiënten met AIDS, en wordt off-label gebruikt om infecties zoals HPV, herpes simplex virus en vacciniavirus te behandelen.

De waarschuwing in de bijsluiter spreekt voor zich: “Er zijn gevallen gemeld van acuut nierfalen met als gevolg dialyse en/of overlijden na slechts één of twee doses Vistide. De aanbevolen dosering van Vistide-injecties mag niet overschreden worden.”

Het onderzoek

Een negatieve pathogeentest toonde de afwezigheid van deze ziekteverwekkers aan, en verminderde vermoeidheid en verbeterd cognitief functioneren bleken uit een gesprek met dr. Peterson en in de eigen rapportages van de patiënten na het onderzoek.

Resultaten

Dr. Peterson meldde dat 70% van de ME/cvs-patiënten met HHV-6- en/of CMV-infecties volledig (in staat om weer aan het werk te gaan) of gedeeltelijk (aanzienlijke verbetering van functioneren) reageerden; een zeer hoge successcore voor een ziekte die gekenmerkt wordt door een slechte respons op behandelingen. Slechts 30% van de Vistide-gebruikers vertoonde geen duidelijke positieve reactie op het medicijn. Er werden geen ernstige bijwerkingen gezien; ironisch genoeg werden de bijwerkingen die gemeld werden, toegeschreven aan het medicijn Probocenide, dat gebruikt werd om er zeker van te zijn dat Vistide veilig was.

Het is niet duidelijk welk percentage van ME/cvs-patiënten positief test op HHV-6 of CMV in andere praktijken, maar een dergelijke respons wijst erop dat het medicijn misschien te weinig gebruikt wordt.

Dr. Peterson riep op tot placebo-gecontroleerd, dubbelblind onderzoek op meerdere locaties naar de effectiviteit van Vistide, de effecten ervan op het immuunsysteem en de mechanismen van de verhoging van de VO2max-waarden bij ME/cvs.

Voorbeelden

Dr. Peterson ging in op een aantal gevallen, allemaal mannen. Hij gaf aan dat hij graag een eind wil maken aan het idee dat alleen vrouwen deze aandoening krijgen.

  • Een man van 27 met een universitaire opleiding, niet in staat om te werken vanwege voortdurende griepachtige symptomen, zwakte en duidelijke cognitieve achteruitgang, vertoonde slecht functionerende NK-cellen, lage VO2max-waarden en HHV-6- en CMV-infecties. Na 24 weken van tweewekelijkse infusen was hij in staat om weer aan het werk gegaan.

    Aan het eind van de behandeling waren zijn VO2max-waarden met 23% omhoog gegaan, zijn NK-cellen met 400% opzienbarend gestegen, en testte hij negatief op beide virussen. Hij had drie jaar ME/cvs gehad.

  • Een leraar aan een middelbare school van 54 was niet meer in staat te werken vanwege extreme vermoeidheid, griepachtige symptomen en zulke ernstige cognitieve problemen, dat hij het werk van zijn leerlingen niet meer kon nakijken. Deze man vertoonde actieve HHV-6- en CMV-infecties, slecht functionerende NK-cellen en lage VO2max-waarden. Na 24 weken van tweewekelijkse infusen kon hij weer aan het werk. Zijn VO2max-waarden stegen met 47%, het functioneren van zijn NK-cellen ging 20% omhoog, en hij testte negatief op beide virussen. Hij had vijf jaar ME/cvs gehad.
  • De derde patiënt had klassieke, acute ME/cvs, die zich ontwikkeld had tot toevallen. Zowel in zijn serum als in zijn hersenvocht werd HHV-6 aangetroffen. Aan het eind van de behandeling was het aantal virusdeeltjes in zijn hersenvocht gedaald van 3670 eenh/ml tot een onmeetbaar niveau. In zijn serum was het spectaculair gedaald (van 47000 eenh/ml tot 3000 eenh/ml). Hoewel hij nog steeds symptomen vertoonde en cognitieve problemen ervoer, was hij toch in staat om weer aan het werk te gaan.

Conclusies

Het retrospectieve onderzoek wees uit dat Vistide (cidofovir) spectaculaire effecten op het functioneren kan heben bij ME/cvs-patiënten met HHV-6- en/of CMV-infecties. De verhoging van de VO2max bleek van wezenlijk belang voor het verbeteren van het functioneren, aangezien de VO2 max van degenen die gedeeltelijk reageerden niet omhoog ging terwijl ze Vistide gebruikten. Op de adviesbijeenkomst van de FDA over Ampligen werd al opgemerkt dat, gezien de inspanningsproblematiek bij ME/cvs, de VO2max waarschijnlijk het testresultaat bij deze stoornis is waarin het moeilijkst iets is te veranderen.

De VO2max-waarden van dr. Petersons patiënten waren uitzonderlijk laag voordat zij Vistide toegediend kregen; zij bleken een VO2max-waarde te hebben die zelfs voor mensen van 65 jaar en ouder heel laag is. Vistide veranderde deze testresultaten met gemiddeld 20%, waarmee ze nog steeds onder normaal lagen, maar voldoende waren voor een aanzienlijke verbetering van het functioneren.

Een Vistide-VO2max-voorbeeld

De VO2max-testen gaven aan dat de meeste patiënten niet volledig hersteld waren. Daarnaast zei dr. Peterson dat hij zelf maar een paar gevallen kent waarbij sprake was van volledig herstel. In een interview met een oud-patiënt van dr. Peterson enkele jaren geleden vertelde deze dat hij zijn carrière en daarmee de mogelijkheid om financieel voor zijn gezin te zorgen kwijt was, en dat Vistide voor hem een buitenkans bleek te zijn. Geveld door acute ME/cvs bleek zijn VO2max- waarde te blijven steken op een ongelooflijk lage 15 (wat hem kwalificeerde als hartpatiënt), en hij gaf zijn energieniveau een rapportcijfer 2 (uit 10); hij had moeite om zittend te kunnen eten.

Binnen een maand nadat hij met Vistide begonnen was was dit al een 4; de volgende maand een 5, en voor het eerst sinds hij ziek geworden was sliep hij weer goed. De maand daarop gaf hij zijn energieniveau een 7, en zijn VO2max-waarden waren verdubbeld tot 28; nog steeds ver onder de 44 die je zou verwachten op zijn leeftijd, maar toch een enorme verbetering.

Na drie maanden gaf hij zijn energieniveau een 9, was hij weer aan het werk en was in staat om alles te doen behalve zware inspanning.

CMX001 – De Vistide van de toekomst?

In Parijs ging dr. Peterson niet in op CMX001, maar in de achtergrond van dit alles bevindt zich een medicijn, CMX001 genaamd, dat afgeleid is van Vistide, en dat een veiligere, effectievere versie van Vistide lijkt te zijn. In een artikel uit 2012 werd CMX001 genoemd als één van de “top 10 onderwerpen” in antiviraal onderzoek.

Chimerix Pharmaceuticals, de fabrikant, heeft Vistide zodanig aangepast dat het makkelijk in het lichaam opgenomen kan worden. Dat betekent dat een infuus niet meer nodig is, er geen zorgen voor nierproblemen meer zijn en dat, volgens de fabrikant, de effectiviteit spectaculair verbeterd is. CMX001 is al enige tijd in ontwikkeling, maar dit jaar heeft de FDA het de zgn. “fast track”-status gegeven (waarbij een medicijn versneld kan worden goedgekeurd).

Gezien dr. Petersons succes met Vistide zou goedkeuring van CMX001 voor de markt zeer goed nieuws kunnen zijn voor ME/cvs-patiënten met HHV-6-, HCMV- en/of mogelijk EBV-infecties.

Samenvatting

In een retrospectief onderzoek bleek dat Vistide effectief was bij het behandelen van ernstig zieke ME/cvs-patiënten met HHV-6- en HCMV-infecties. Dr. Peterson riep op tot dubbelblind, placebogecontroleerd onderzoek om de werkzaamheid en de effectmechanismen van Vistide nader te onderzoeken.

Er is een medicijn in ontwikkeling dat afgeleid is van Vistide, CMX001 genaamd, waarbij geen infuus nodig is en dat de nieren niet aantast. Dit medicijn zou een zegen kunnen zijn voor ME/cvs-patiënten met herpesvirusinfecties. In de VS wordt bekeken of het medicijn versneld kan worden goedgekeurd.

© Bron: Cort Johnson, Simmaron Research, 9 april 2013

Verklarende woordenlijst:

Cognitief: al wat te maken heeft met het denkproces en met de verwerking van informatie in de hersenen.

EBNA: anti-Epstein-Barr nuclear antigen; antistof tegen het Epstein-Barr-virus.

EBV: Epstein-Barr virus; een herpesvirus (HHV-4). Veroorzaakt diverse ziektebeelden, waaronder ziekte van Pfeiffer en lymfomen (tumoren van de lymfocyten).

FDA: De Food and Drug Administration is in de Verenigde Staten van Amerika een agentschap van de federale overheid dat o.a. de kwaliteit en veiligheid van voedsel en medicijnen bewaakt.

(H)CMV: (Human) Cytomegalovirus, een herpesvirus (HHV-5). Veroorzaakt o.a. afname van de cellulaire immuniteit. Speelt ook een rol bij een deel van de symptomen bij aids.

HHV-6: Human Herpes Virus 6, een van de acht thans bekende herpesvirussen. Veroorzaakt o.a. roseola bij kinderen (kenmerk: bloedtoevoer naar een bepaalde plek, die verdwijnt als er op gedrukt wordt)

HPV: Human Papillomavirus; papillomavirussen kunnen abnormale celgroei van huid en slijmvliezen teweeg-brengen en zijn de veroorzakers van wratten. HPV-infectie kan ook de kans op het ontwikkelen van sommige vormen van kanker, zoals baarmoederhalskanker, ver-hogen.

NK- of natural-killercellen: herkennen membraanveranderingen van cellen, die met een virus zijn geïnfecteerd en kunnen die doden.

Off-label: Bij off-label gebruik van medicijnen wordt een medicijn voorgeschreven voor de behandeling van een ziekte of klacht, anders dan waarvoor dit medicijn is geregistreerd.

Pathogeen: Ziekteverwekker

Retrospectief: terugkijkend op een situatie zoals die eerder was.

Vacciniavirus: behorend tot de groep Orthopoxvirussen; gebruikt als vaccin om mensen tegen de pokken in te enten.

VO2max: maximale zuurstofopnamevermogen, gemeten bij maximale inspanning

© Vertaling ME/cvs Vereniging, 23 juni 2013 [PDF]


Therapeutic potential of (HPMPC, VISTIDE) for the treatment of HHV-6 and/or CMV infections in severely ill patients diagnosed with chronic fatigue syndrome/myalgic encephalomyelitis.

7-4 Oral, 8th International Conference on HHV-6 & 7

April 8-10, 2013 in Paris, France, hosted by HHV-6 Foundation.

Gunnar Gottschalk, Isabel Barao, Daniel Peterson.

https://www.dropbox.com/s/s7jj3697i2f5phs/2013%20HHV-6%20Program%20Book.pdf   

Geef een antwoord

Zijbalk

Volg ons
ma
di
wo
do
vr
za
zo
m
d
w
d
v
z
z
26
27
28
29
30
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
1
2
3
4
5
6
Geen Evenementen
Recente Links