Bron:

| 535 x gelezen

Een recente evaluatie van drie casestudies door onderzoekers van Johns Hopkins Medicine suggereert dat adolescenten en jonge volwassenen die COVID-19 krijgen, maanden daarna ook symptomen kunnen vertonen van myalgische encefalomyelitis/chronisch vermoeidheidssyndroom (ME/cvs), de complexe multisysteemaandoening die vroeger bekend stond als chronisch vermoeidheidssyndroom. © Publiek domein.

Nu meer adolescenten en jongvolwassenen worden behandeld voor COVID-19, zijn artsen bezorgd dat deze mensen ook post-COVID – of langdurige [“long haul”-] symptomen zullen gaan vertonen van hun aanvallen tegen het virus. Een recente review van drie casestudies door Johns Hopkins Medicine levert het eerste bewijs dat één van de ernstige post-COVID-problemen myalgische encefalomyelitis/chronisch vermoeidheidssyndroom (ME/cvs) kan zijn, de complexe, multisysteemaandoening die vroeger bekend stond als chronisch vermoeidheidssyndroom.

De bevindingen werden op 29 april gepubliceerd in het tijdschrift Frontiers in Medicine.

“Bij de drie bestudeerde patiënten – die allemaal vroeg in de pandemie een bevestigde of zeer waarschijnlijke COVID-19-infectie hadden – zagen we ME/cvs-achtige symptomen binnen de eerste twee weken van ziekte,” zegt Dr. Peter Rowe, directeur van de Chronic Fatigue Clinic in het Johns Hopkins Children’s Center en professor in de kindergeneeskunde aan de Johns Hopkins University School of Medicine. “Zes maanden na hun ziekte voldeden alle drie nog steeds aan de criteria voor de diagnose ME/cvs.”

In een recent rapport merkten de Amerikaanse Centers for Disease Control and Prevention (CDC) op dat Amerikaanse ziekenhuizen meer adolescenten en jongvolwassenen met COVID-19 opgenomen zien worden naarmate besmettelijker varianten van SARS-CoV-2 – het virus dat de ziekte veroorzaakt – zich verspreiden. Het agentschap denkt dat de toename van het aantal gevallen bij jongeren het gevolg kan zijn van het feit dat de leeftijdsgroep van 10 tot 24 jaar als een van de laatste in aanmerking komt voor de coronavaccins, en dat velen die daarvoor in aanmerking komen hun vaccinatie nog niet hebben gekregen. Volgens de CDC is het ook waarschijnlijker dat deze groep betrokken is bij risicogedrag zoals het beoefenen van contactsporten en uitgaan in bars.

De drie patiënten die in de recente studie werden geëvalueerd, waren een 19-jarige man en twee vrouwen, 22 en 30 jaar oud, van wie de COVID-19-symptomen begonnen tussen april en juni 2020, en die tussen augustus en oktober van datzelfde jaar naar de Chronic Fatigue Clinic werden doorverwezen. Symptomen van orthostatische intolerantie – een groep van klinische aandoeningen die vermoeidheid, lichtheid in het hoofd en concentratieproblemen omvat, en in verband wordt gebracht met meer dan 90% van de mensen met ME/cvs – waren prominent bij alle drie vanaf het begin van hun COVID-19.

Een onderzoek van post-COVID-symptomen zes maanden na het begin, inclusief evaluaties van beweging, neurologische functie en aanhoudende orthostatische intolerantie, werd uitgevoerd op elk van de patiënten om te bepalen of ME/cvs gediagnosticeerd kon worden. Alle drie voldeden gemakkelijk aan de criteria.

Interessant is, zo zegt Rowe, dat alle drie de patiënten relatief milde COVID-19-ademhalingssymptomen hadden en dat geen van hen een ziekenhuisopname nodig had, maar toch lijkt het zich bij hen allemaal te hebben vertaald in het ernstiger secundaire probleem van ME/cvs.

“Deze bevinding is consistent met eerdere studies bij oudere patiënten met COVID-19 die aanhoudende vermoeidheid vertoonden maanden na infectie, ongeacht de ernst van de initiële infectie,” legt hij uit. “Dit roept de vraag op hoeveel ME/cvs-gevallen vóór de COVID-19-pandemie mogelijk te wijten waren aan milde, subklinische of asymptomatische virale infecties [zoals Epstein-Barrvirus of humaan herpesvirus 6], met inbegrip van gevallen bij adolescenten, jongvolwassenen en oudere mensen.”

Rowe en zijn collega’s zijn van mening dat verder onderzoek nodig is om het biologische mechanisme te definiëren waardoor ME/cvs ontstaat als gevolg van COVID-19, en vervolgens dat inzicht te gebruiken om behandelingsstrategieën te ontwikkelen die patiënten met post-COVID-ME/cvs terug kunnen brengen naar hun vroegere kwaliteit van leven.

Rowe is beschikbaar voor interviews.

© Johns Hopkins Medicine, 19 mei 2021. Vertaling Zuiderzon, redactie NAHdine, ME-gids.

Citeren?

Petracek LS, Suskauer SJ, Vickers RF, Patel NR, Violand RL, Swope RL and Rowe PC (2021) Adolescent and Young Adult ME/CFS After Confirmed or Probable COVID-19. Front. Med. 8:668944. doi: 10.3389/fmed.2021.668944

Geef een antwoord

Zijbalk

Volg ons
<< sep 2021 >>
mdwdvzz
30 31 1 2 3 4 5
6 7 8 9 10 11 12
13 14 15 16 17 18 19
20 21 22 23 24 25 26
27 28 29 30 1 2 3
Datum/Tijd Evenement
30/09/2021
14:00 - 15:00
Online lotgenotenbijeenkomst: ME en hulpmiddelen
07/10/2021
14:30 - 17:00
Netwerkbijeenkomst onderzoeksprogramma ME/CVS (ZonMW)
Muntgebouw Utrecht, Utrecht
Recente Links