Bron:

| 1375 x gelezen

ME Research UK, 9 februari 2018

Het team van prof. Julia Newton aan de Newcastle University heeft onlangs een paper gepubliceerd die kijkt naar de BNP-waarden en cardiale disfunctie bij ME/cvs-patiënten. Deze resultaten zijn afkomstig uit een studie die meegefinancierd werd door ME Research UK, die voortbouwt op hun eerdere bevindingen van hartafwijkingen bij mensen met de ziekte.

Auteurs

Cara Tomas, Andreas Finkelmeyer, Tim Hodgson, Laura MacLachlan, Guy A MacGowan, Andrew M Blamire, Julia L Newton

Instituut

Institute of Cellular Medicine, Newcastle University, Newcastle upon Tyne, VK

Abstract

Doelstellingen: Onderzoek van BNP-waardes (brain natriuretic peptide) en associatie met de hartafwijkingen die onlangs vastgesteld werden bij chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS).

Methodes: Magnetische resonantie van het hart werd uitgevoerd met 3T Philips Intera Achieva scanner (Best, Nederland) bij deelnemers met CVS (Fukuda) en sedentaire controles, groepsgewijs gematcht volgens leeftijd en geslacht. BNP werd ook gemeten door een enzymatisch immunoassay [biochemische test die de aanwezigheid of concentratie van een molecuul in een oplossing meet d.m.v. een antilichaam of een antigeen, n.v.d.r.] in plasma van 42 patiënten met CVS en 10 controles.

Resultaten: BNP-waarden waren aanzienlijk hoger in de CVS-cohort in vergelijking met gematchte controles (P=0.013). Bij vergelijking van hartvolumes (einddiastolisch en eindsystolisch) tussen diegenen met hoge BNP-waarden (BNP >400 pg/mL) en lage BNP (<400 pg/mL), waren er aanzienlijk lagere hartvolumes bij diegenen met de hogere BNP-waardes, zowel in eindsystolische als einddiastolische volumes (P=0.05). Er was geen verband tussen vermoeidheidsduur, ziekteduur en BNP-waarden (P=0.2), wat suggereert dat onze bevinden wellicht niet gerelateerd zijn aan deconditionering.

Conclusie: Deze studie bevestigt een verband tussen verminderd hartvolume en BNP bij CVS. Gebrek aan verband met ziekteduur suggereert dat bevindingen geen gevolg zijn van deconditionering. Verdere studies zijn nodig om de bruikbaarheid te onderzoeken van BNP als stratificatieparadigma bij CVS dat leidt tot gerichte behandelingen.

Publicatie

Tomas et al, Open Heart, 2017 Dec 27; 4(2):e000697

Elevated brain natriuretic peptide levels in chronic fatigue syndrome associate with cardiac dysfunction: a case control study

Objectives To explore levels of the brain natriuretic peptide (BNP) and how these associate with the cardiac abnormalities recently identified in chronic fatigue syndrome (CFS). Methods Cardiac magnetic resonance examinations were performed using 3T Philips Intera Achieva scanner (Best, Netherlands) in CFS (Fukuda) participants and sedentary controls matched group wise for age and sex.

Citeren?

Tomas C, Finkelmeyer A, Hodgson T, et al

Elevated brain natriuretic peptide levels in chronic fatigue syndrome associate with cardiac dysfunction: a case control study

Open Heart 2017;4:e000697. doi: 10.1136/openhrt-2017-000697

[HTML] [PDF]

Financiering

Medical Research Council, ME Research UK.

Commentaar door ME Research UK

Steeds meer onderzoek onthult hartafwijkingen bij patiënten met ME/cvs. Zo hebben mensen met de ziekte bijvoorbeeld een kort QT-interval (een maatstaf van elektrische activiteit van het hart) en een verminderd hartminuutvolume (de hoeveelheid bloed die door het hart pompt per minuut). Deze veranderingen kunnen voorkomen voor er symptomen duidelijk worden.

Veel van het recente werk over hartafwijkingen bij ME/cvs is uitgevoerd door Prof. Julia Newton en haar team aan Newcastle University, waaronder ook studies gefinancierd door ME Research UK.

In 2012 gebruikten ze beeldvorming door magnetische resonantie en cardiologische taggingtechnieken om een groep van ME/cvs-patiënten te evalueren, en vond dat meerdere hartmetingen lager waren bij patiënten dan bij gezonde controlepersonen:

  • het volume van de linker hartkamer (de dikte van de wand van de linker hartkamer, de belangrijkste pompkamer van het hart),
  • slagvolume (de hoeveelheid bloed die door de linker hartkamer gepompt wordt in één samentrekking),
  • hartminuutvolume, en
  • einddiastolische volume (het volume bloed in elke hartkamer nadat ze zich opnieuw hebben gevuld).

Dan, in 2016, herhaalden ze enkelen van deze evaluaties samen met metingen van bloedvolume. Het totale bloedvolume (plasma plus rode bloedcellen) lag lichtjes lager bij ME/cvs-patiënten dan bij controles, maar er was een sterk verband tussen bloedvolume en einddiastolische massa van de hartkamerwand.

Ze hebben hun werk op dit terrein verdergezet, en hebben pas geleden een paper gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Open Heart, waarin ze keken naar waarden van brain natriuretic peptide bij ME/cvs, en de samenhang onderzochten met maatstaven van hartafwijking.

Ondanks de naam is brain natriuretic peptide (of BNP) een hormoon dat eigenlijk uitgescheiden wordt door de spiercellen in het hart, en geproduceerd wordt wanneer de hartkamers uitgerokken worden om een verhoging in bloedvolume te herbergen.

Circulerend BNP veroorzaakt een vermindering in bloeddruk en in hartminuutvolume, en wordt klinisch gebruikt als diagnostische en prognostische marker voor hartfalen.

Voor hun huidige studie rekruteerden de onderzoekers 42 patiënten met ME/cvs en geen andere ziekte, en ook 10 sedentaire controlepersonen, gematcht volgens leeftijd en geslacht.

Het hart van de deelnemers werd onderzocht via magnetische resonantietechnieken om een aantal maatstaven van hartfunctie te bepalen, zoals hartvolume aan het einde van systole (nadat de hartkamers samengetrokken zijn en hun bloed hebben uitgepompt) en aan het einde van diastole (als de hartkamers ontspannen zijn en opnieuw gevuld zijn met bloed).

Bovendien werden bloedstalen afgenomen, en BNP-waardes in plasma werden gemeten met behulp van een enzymatische immunoassay.

De eerste belangrijke bevinding was dat BNP-waarden beduidend hoger waren bij ME/cvs-patiënten dan bij sedentaire controlepersonen, met gemiddelde waarden van respectievelijk ongeveer 500 versus 300 pg/mL.

Verder waren zowel eindsystolisch als einddiastolisch hartvolume beduidend lager bij patiënten met hoge BNP-waardes (gedefinieerd als groter dan 400 pg/mL) dan bij diegenen met lage BNP-waarden.

BNP is vaak een aanwijzing voor overvulling van het hart, dus dit verband is niet wat men normaalgezien zou verwachten. Eén verklaring die de onderzoekers voorstellen, is dat de hoge BNP een overmatige productie van urine veroorzaakt, die het totale volume van circulerend bloed verlaagt (zoals gezien in een eerdere studie), wat leidt tot een lager hartvolume.

Het is belangrijk om op te merken dat geen van deze maatstaven in verband stond met hoe lang de patiënten al ME/cvs hadden, wat erop wijst dat de resultaten allicht niet veroorzaakt worden door deconditionering (d.w.z. dat ze niet het resultaat zijn van het hart dat zich aanpast aan minder fysieke activiteit).

Wat kunnen deze resultaten voor patiënten betekenen? Eén mogelijkheid die de onderzoekers opperen, is dat metingen van BNP-waarden een handige manier zou kunnen zijn om ME/cvs-patiënten met hartafwijkingen te onderscheiden, die baat zouden kunnen hebben bij specifieke behandelingen, hoewel bijkomende studies nodig zijn om dit te bevestigen.

Deze benadering kan ook waardevol zijn om een specifieke hartgerelateerde subgroep van ME/cvs-patiënten op te sporen, en de uiteenlopende aard van deze ziekte beter te begrijpen.

© 2018 ME Research UK — Scottish Charitable Incorporated Organisation No. SC036942. Vertaling abby, redactie zuiderzon, ME-gids.

Geef een antwoord

Zijbalk

Volg ons
ma
di
wo
do
vr
za
zo
m
d
w
d
v
z
z
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
1
2
3
4
Geen Evenementen
Recente Links
Loading